Spring naar het artikel

In een grote en dynamische stad als Rotterdam vinden heel wat verhuizingen plaats. Ook door de gemeente zelf. Duurzaamheid speelt hierbij een steeds belangrijkere rol. Niet alleen door zuinig om te gaan met mensen en (verpakkings)materialen, maar ook door de transportkilometers steeds milieuvriendelijker te maken.


De ene keer moeten een aantal werkplekken een paar verdiepingen omhoog; een andere keer verhuist een complete afdeling naar een andere locatie. De gemeente Rotterdam heeft op allerlei manieren te maken met verhuizingen. En dan zijn er nog de verkiezingen, waarbij in korte tijd een groot aantal stemlokalen moet worden ingericht. In 2018 had de gemeente voor een gecombineerde aanbesteding van verhuizingen en verkiezingen een bijzondere eis: het transport moet aan het einde van de contractperiode volledig emissieloos zijn.


Duurzaamheid = efficiency

Verhuisbedrijf UTS Abbink voldeed het best aan de criteria van de gemeente en kreeg de opdracht gegund.  “Als verhuizer probeer je altijd efficiënt van A naar B te komen. Dat is op zichzelf al een duurzame insteek”, zegt commercieel directeur Cock van der Hulst. “Daarnaast gebruiken we bijvoorbeeld ‘tracking and tracing’ om te voorkomen dat spullen kwijtraken. Dat laatste is extra belangrijk bij verkiezingen: je moet er niet aan denken dat stembussen met ingevulde stemformulieren spoorloos verdwijnen…”


Nieuwe bestelbussen aangeschaft

Ook met emissievrij transport is UTS Abbink al een tijd bezig. De aanbesteding van de gemeente Rotterdam was een goede trigger om extra te investeren in elektrisch vrachtvervoer, vertelt Van der Hulst. “We besloten te investeren in een servicewagen en een kleine verhuiswagen. Daarnaast maken we al langer gebruik van elektrische scooters. Daarmee vervoeren we onze verhuizers en hun handgereedschap tussen de diverse panden.” 


Elektrische vrachtwagens

De keuze voor elektrische bussen is nog beperkt, dat geldt nog meer voor elektrische vrachtwagens. De bekende vrachtwagenmerken hebben deze (nog) niet standaard in productie, maar bouwen traditionele dieselwagens om naar een elektrische uitvoering. Dat maakt elektrische vrachtwagens 2,5 tot 3 keer zo duur in aanschaf. “Voor ons is dat te duur”, zegt Van der Hulst. “Voor specifieke klussen huren we deze wagens daarom in bij een collega-verhuizer uit Amsterdam. ”


Slim plannen

Naast de benodigde investeringen, is een andere uitdaging bij elektrisch transport de actieradius. “Onze nieuwe Renaults kunnen met een volle accu ongeveer 120 tot 200 km rijden. Het beperkte aantal laadpalen vraagt om een goede planning. We proberen opdrachten zo slim mogelijk te combineren. Een extra uitdaging bij de grote wagens is dat je deze niet kunt opladen aan reguliere, openbare laadpalen.”


Flexibele opstelling

De beperkingen van de laadinfrastructuur vragen volgens Van der Hulst niet alleen om een slimme planning, maar ook om een andere mindset bij de klant. “Vanuit een gedeelde ambitie om te streven naar maximaal emissieloos vervoer, zal die zich flexibel moeten opstellen. Soms vragen we een klant of een geplande klus toch een dagje later kan worden uitgevoerd, omdat we onze elektrische bus voor een spoedklus nodig hebben. Of het nu gaat om eigen of ingehuurd vervoer, het liefst hebben we de elektrische wagens continu in bedrijf. Ook dat is duurzaamheid.”


Pilot bij verkiezingen

In maart 2019 zijn in Nederland weer verkiezingen voor de Provinciale Staten. Zelfs zonder elektrisch transport is dit al een flinke logistieke uitdaging, vertelt Van der Hulst.  “In de week rond de verkiezingen zetten we gemiddeld ongeveer 80 extra auto’s in. Als we die allemaal elektrisch willen laten rijden, hebben we elke nacht 40 laadpalen nodig. Die zijn er simpelweg niet. Wél onderzoeken we of we een pilot kunnen doen met elektrisch transport in een deelgebied: zo kunnen we alvast beter zicht krijgen op de mogelijkheden én beperkingen van elektrisch transport.”


Waterstof als alternatief

Naast elektrisch vervoer is ook de toepassing van waterstof als brandstof aan een opmars bezig. Vooral voor zwaar transport is dit een interessant alternatief. “Het vullen van een tank kost veel minder tijd dan het opladen van de batterijen. Bovendien is de actieradius net zo groot als die van een dieselwagen. Daar staat tegenover dat een goede infrastructuur nog ontbreekt. Het is  onzeker welke kant de markt op gaat bewegen. Daarom houden we alle mogelijkheden in de gaten.”


Samenwerken

Als regionaal opererend verhuizer verbruikt UTS Abbink relatief weinig diesel. Haar wagens staan immers langer in- en uit te laden dan dat ze aan het rijden zijn. “Dat maakt het moeilijker om van elektrisch transport een sluitende business case te maken. We onderzoeken daarom hoe we slim samen kunnen werken met andere marktpartijen. Bijvoorbeeld door gezamenlijk te investeren in waterstof-vulstations. Of door een ‘hub’ te delen: een handig gelegen locatie met een laadpaal. Als wij toch op een duurzame manier de stad in rijden, is het een kleine moeite om ook goederen van andere leveranciers mee te nemen.”